Het is een casino
“Het is een casino”, schreef een lezer. Hij doelde op de reacties op de gepubliceerde cijfers. Een voorbeeld dat hij gaf, was Adidas. Op wat in mijn ogen degelijke cijfers waren, dook de koers bijna 14% lager. Dat maakt Adidas niet meteen goedkoop; het was en is nog steeds aan de dure kant. Een koers-winstverhouding van 20 betalen voor een bedrijf dat ongeveer 5% groeit, is gewoon wat veel. Als de cijfers dan wat minder goed zijn dan verwacht, krijgen we wel vaker hevige reacties.
Dat ze nu zo hevig zijn, zegt ook wel iets over de markt op zich. Of de beurs echter een casino is of niet, hangt af van hoe je het zelf benadert. Als je naar de beurs komt en denkt dat je door te gokken op stijgende beurskoersen snel rijk zult worden, dan is het inderdaad een casino. In een stijgende beurs werkt het echter beter dan een casino en lijkt het wel een zekerheid. Zoals nu een hele hoop mensen gelooft dat de indexen meer dan 10% zullen blijven opbrengen. Tot er natuurlijk een crash komt en velen een groot deel van hun vermogen verliezen.
De beurs werd opgericht als een plaats waar ondernemers kapitaal kunnen ophalen om hun bedrijf uit te breiden. Uit de winst van het bedrijf gaf de ondernemer geld terug aan de aandeelhouders (eigenaars) in de vorm van dividenden, zodat het geld gebruikt kon worden om opnieuw te investeren of om van te leven.
Van kapitaalverschaffer naar handelsplatform
Er ontstond natuurlijk een hele industrie rondom van banken, brokers en andere dienstverleners die geld verdienden aan transacties. Hoe meer er gehandeld wordt, hoe meer zij verdienen. Dat zorgt ervoor dat het steeds minder gaat over kapitaal verschaffen aan bedrijven, die vandaag bovendien op de private markt genoeg geld vinden, maar over het verschuiven van geld en aandelen van de ene belegger naar de andere.
In een casino word je verleid om te spelen, en eigenlijk is het op de beurs ondertussen hetzelfde door een hele industrie die eromheen ontwikkeld is, en waar ik ook deel van uitmaak. Ook ik vuur regelmatig ideeën op je af, waardoor je mogelijk getriggerd wordt om te handelen.
Mijn hoofddoel is echter om iedereen toch naar de beurs te laten kijken als een plaats waar je investeert in bedrijven en niet handelt in aandelen. Het is de mindset van de belegger die het onderscheid maakt of de beurs een casino is of niet. Gokken dat je de volgende Amazon of Apple gaat vinden, is vaak ook precies dat: gokken.
Het is natuurlijk heel aantrekkelijk om te beleggen in nieuwe technologie en ideeën. Als je inderdaad vroeg genoeg in het juiste bedrijf kunt investeren, dan kan dat genoeg opleveren voor jou en zelfs de volgende generaties. Je hebt vaak ook nog het comfort van de kudde, want iedereen gelooft in die nieuwe technologie, dus niemand zal jou de schuld geven als het misloopt.
Sterker nog: je zult zelfs als een visionair bestempeld worden. Tot het misloopt. Dat overkwam ook de 24-jarige Leopold Aschenbrenner. Enkele maanden geleden was hij nog in alle media als de goeroe op het gebied van AI met een fonds dat monsterwinsten maakte. Het geld stroomde in massa’s binnen, en de druk om te presteren werd alleen maar groter.
De gevaren van de hefboom
Dat deze winsten echter afkomstig waren van gigantische hefbomen door met geleend geld te beleggen, werd toen genegeerd. Ik weet dat dit niet het hele verhaal is, er waren ook shorts op verkeerde aandelen en dergelijke, maar de essentie is de hefboom. Nu de AI-aandelen echter even een klein beetje stoom aflaten, is zijn fonds geïmplodeerd door deze hefboom.
En dit is nu een heel spraakmakend voorbeeld, maar de markt zit vol met beleggers die met geleend geld beleggen. Ofwel lenen ze rechtstreeks zelf, ofwel via hefboomproducten en ETF’s die x2 tot x5 gaan. Allemaal fantastisch zolang het goed loopt, rampzalig wanneer het keert.
Vergelijk dat met waardebeleggen: het beleggen in bedrijven die aantrekkelijk gewaardeerd zijn ten opzichte van hun (toekomstige) winsten en/of hun bezittingen. Of anders gezegd: bedrijven die uit de gratie van beleggers zijn, vaak door echte problemen bij deze bedrijven of in hun sectoren. Als waardebelegger is het dan aan ons om te bepalen of deze problemen tijdelijk en oplosbaar zijn. Dat is natuurlijk niet even spannend als praten over SpaceX en Nvidia.

